Levensloopregeling
Ouderschapsverlof, studieverlof,
zorgverlof, sabbatical. Met de levensloopregeling kun je sparen voor
elke vorm van verlof. Het levert je bovendien belastingvoordeel op. Je
kunt de levensloopregeling ook gebruiken om eerder met pensioen te
gaan.De levensloopregeling is bedoeld om het combineren van werk en
privéleven makkelijker te maken. De levensloopregeling is een
wettelijke regeling waar alle werknemers kunnen aan kunnen deelnemen.
Elk jaar iets apart zetten
Je
kunt zelf kiezen of je aan de levensloopregeling wilt deelnemen. Als je
eraan meedoet, zet je werkgever elk jaar een deel van je brutoloon op
een speciale spaarrekening bij je pensioenfonds. Je mag elk jaar
maximaal twaalf procent van je brutoloon sparen. Het spaartegoed mag
oplopen tot maximaal 210 procent van je bruto jaarsalaris. Het
gespaarde geld kun je alleen gebruiken om je te laten doorbetalen
tijdens verlof of vervroegd pensioen.
Zo vaak als je wilt
Je mag de levensloopregeling zo vaak als je wilt voor onbetaald verlof gebruiken. Je kunt het tegoed steeds weer aanvullen.
Fiscaal voordeel
Op het moment dat je geld inlegt, betaal je over het ingelegde bedrag geen loonbelasting en slechts een deel van de sociale premies. Wanneer je het geld laat uitkeren voor een verlofperiode betaal je er wel belasting over. Maar: voor ieder jaar dat je hebt meegedaan aan de levensloopregeling betaal je € 191 minder belasting.
Nog meer fiscaal voordeel bij ouderschapsverlof
Neem je onbetaald ouderschapsverlof op, dan levert deelname aan de levensloopregeling je een extra belastingvoordeeltje op. Voor elk opgenomen uur verlof krijg je korting op je belastingaanslag. Die korting bedraagt per uur de helft van het minimumuurloon. Dat komt neer op € 650 per maand bij voltijd ouderschapsverlof. Er geldt een maximum van drie maanden per kind. Beide ouders mogen er gebruik van maken.
Levensloop óf spaarloon
Je kunt niet tegelijk én aan de levensloopregeling én aan de spaarloonregeling deelnemen. Je kunt elk jaar kiezen tussen een van beide. De belangrijkste verschillen:
- Wat je met spaarloon na vier jaar doet, mag je zelf weten. Maar het geld dat je voor levensloop inlegt, mag je alleen gebruiken om je gedurende een of meer verlofperioden te laten uitbetalen. Of om tegen je pensioenleeftijd eerder te stoppen met werken.
- Bij levensloop kan je maximaal twaalf procent van je jaarsalaris per jaar inleggen, bij spaarloon maximaal € 613 per jaar.
- Over spaarloon betaal je geen belasting. Bij de levensloop betaal je bij de inleg geen belasting. Laat je je eenmaal de inleg uitbetalen, dan moet je wel belasting betalen. Maar je hebt wel fiscaal voordeel: voor elk jaar dat geld hebt ingelegd krijg je een belastingkorting van € 191.
- Levensloop wordt niet belast in box 3. Spaarloon na vier jaar wel.
Verlof is geen recht
Er
zijn maar een paar soorten verlof waarop je wettelijk recht hebt. De
belangrijkste zijn ouderschapsverlof, adoptieverlof en zorgverlof. Voor
andere soorten verlof, zoals een sabbatical of studieverlof moet je
eerst toestemming vragen aan je werkgever.
Overgangsregeling voor oudere werknemers
Voor werknemers die op 31 december 2005 51 jaar of ouder maar nog geen 56 jaar waren, is er een speciale overgangsregeling. Zij mogen jaarlijks meer dan twaalf procent van het loon sparen. Werknemers die voor 31 december 2005 56 jaar of ouder waren blijven onder de oude VUT-regelingen vallen.
Meer over de levensloopregeling
Handige Levensloop rekenmodule








