wageindicator logo Loonwijzer.nl

Rechten van huishoudelijk personeel wereldwijd, in de EU en Nederland

Huishoudelijk personeel heeft weinig sociale rechten. Onterecht, vindt de Internationale Arbeidsorganisatie en het Europees Parlement. In Nederland is zelfs bij wet geregeld dat de hulp in de huishouding veel minder rechten heeft dan alle andere werknemers.

In juni 2011 hebben vakbonden, werkgevers en regeringen met 83 procent van de stemmen een verdrag over huishoudelijk personeel aanvaard tijdens de Internationale Arbeidsconferentie. Huishoudelijk werkers worden vaak uitgesloten van elementaire arbeidsrechten; dit verdrag maakt daar een einde aan door huishoudelijke werkzaamheden als werk te erkennen. Ook werden hierin aan al het huishoudelijk personeel rechten toegekend. De International Labour Organization (ILO) schat dat er wereldwijd ten minste 100 miljoen mensen werken in particuliere huishoudens als huishoudelijk personeel.

Het verdrag is op 5 september 2013 van kracht geworden en per januari 2016 hebben 22 landen het geratificeerd: waaronder België, Duitsland, Finland, Italië, Ierland, Portugal, Zuid-Afrika en Zwitserland. 

Meer weten hierover? Alles is te vinden via:

Europese Commissie

De Europese Commissie stelde in zijn voorstel voor een Besluit van de Raad aangaande het autoriseren van de lidstaten om de conventie te ratificeren dat de meeste bepalingen van Verdrag 189 voor een groot deel overeen komen met de het acquis (de Europese Richtlijnen en jurisprudentie) op het terrein van sociaal beleid, antidiscriminatie en dergelijke. De definitieve tekst van het Besluit, waar de Europese Raad (de lidstaten) mee in heeft gesteld,  is gelijkluidend.

Politieke discussie over huishoudelijk personeel in Nederland

In Nederland heeft huishoudelijk personeel minder rechten dan alle andere werknemers. Dat geldt niet alleen voor huishoudelijke hulpen en werksters, maar ook voor nanny’s, gastouders, alfahulpen en PGB-zorgverleners. Al deze groepen zijn niet verplicht verzekerd voor werkloosheid en arbeidsongeschiktheid. Ze hebben bij ziekte slechts recht op zes weken doorbetaling van loon en hebben geen preventieve ontslagbescherming. Deze uitzonderingspositie is in verschillende wetten opgenomen. Hierdoor kan Nederland het ILO Verdrag over huishoudelijk werk niet ratificeren.

Het huishoudelijk personeel in Nederland is het slechtste af in vergelijking met andere Europese landen – zie ook een artikel in de Volkskrant over huishoudelijk personeel in Nederland. Kabinet-Rutte/Asscher was met sociale partners overeengekomen een commissie in te stellen die moet onderzoeken of verbetering van de positie van huishoudelijk personeel wenselijk en mogelijk was. De Commissie Dienstverlening aan huis adviseerde in het voorjaar van 2014 om de wettelijke uitzonderingspositie van huishoudelijk personeel te verbieden voor de publieke sector – dus in de thuiszorg, de PGB’s en in de kinderopvang. Eind 2014 besloot het kabinet met instemming van de Tweede Kamer dit advies naast zich neer te leggen. 

Het is twijfelachtig of die verminderde rechtsbescherming van huishoudelijke hulpen wel in overeenstemming is met de Europese richtlijnen en jurisprudentie – zie de opvattting van Europese Commissie en Europese Raad hierboven. Alles staat uitvoerig gedocumenteerd in het boek Een baan als alle andere?! De rechtspositie van huishoudelijk personeel ook te vinden via de website van de Vereniging voor Vrouw en Recht Clara Wichmann). In november 2015 verscheen een actualisering van dit naslagwerk.

Vergelijk je salaris

Citeer deze pagina © WageIndicator 2017 - Loonwijzer.nl - Rechten van huishoudelijk personeel wereldwijd, in de EU en Nederland